De klimaatproblematiek komt tot uiting op verschillende niveaus en meerdere beleidsdomeinen. Om effectief iets te kunnen doen aan de problematiek dient men sectoroverschrijdend aan het werk te gaan.
Hiermee wordt bedoeld dat elke beslissing die door een bepaalde sector wordt genomen rekening moet houden met de impact van die beslissing op het klimaat. Dit stemt overeen met het ‘mutualiteitprincipe’ namelijk dat elk beleidsniveau er naar streeft om zo te handelen dat de efficiëntie op andere beleidsdomeinen wordt versterkt.
Indien de sector landbouw bvb een bepaalde beslissing neemt omtrent het landbouwbeleid, dan moet men nagaan wat de eventuele gevolgen voor het klimaat kunnen zijn. Zijn die gevolgen negatief dan moet worden gezocht naar een alternatief dat klimaatvriendelijker is.
Die verregaande emissiereducties zullen er niet komen alleen door het consumentengedrag van de burger zelf, zonder een wettelijk kader gecreëerd door de overheid. Hoewel we allemaal een rol spelen in het veranderen van ons gedrag ter preventie van de klimaatverandering, zijn er vele kwesties waar we geen controle over hebben en waar individuele consumenten weinig impact op hebben. Een sterke klimaatwet betekent dat de overheid een wettelijk kader moet opstellen voor de reductie van broeikasgassen doorheen alle sectoren: isolatie, transport, energie, landbouw, etc…
Gewesten hebben belangrijke taken inzake klimaat. Dit moet zo worden gehouden. Er moet wel een versterking komen van het federale niveau. Federaal moet vooral een coördinerend en sturend beleid kunnen verzekerd worden. In de nieuwe regering zal er iemand worden aangesteld om onze CO2-uitstoot in bedwang te houden en de opwarming van de aarde tegen te gaan.